top of page

Midweek de Musical. Dag 2.

  • 22 uur geleden
  • 9 minuten om te lezen

Regen.


Ik blijf nog even liggen in mijn kledingkast, want de regen houdt bijna op. Het hoort er dan misschien bij in Engeland, maar ik heb toch geen zin om de hele dag met een spijkerbroek rond te lopen.


Ik heb ook niet zo’n haast, ruim vijf en een half uur vertraging is vandaag gewoon onmogelijk. Zelfs al zou het verkeer compleet stil liggen, dan ben ik te voet alsnog op tijd voor de eerste musical.


Naast chicken bites is er nog een delicatesse die niet mag ontbreken tijdens een reis naar Londen. Een raspberry croissant, van de Pret? Toch?

Ik begin een beetje te twijfelen, het kan ook die blauwe koffieboer zijn… Ik weet het even niet meer. Gelukkig zit er een Pret A Manger op de route tussen mijn hotel en het metrostation, dus kan ik het gelijk even bevestigen. En opeten natuurlijk!


De regen is niet helemaal gestopt, maar deze druppeltjes kan ik aan. Al zie ik nu wel niks meer, want mijn bril is ook nat geworden.


Nou goed, ik skip even de eerste Pret A Manger en ga wel op zoek naar een frambozencroissantje in de stad, ergens waar ik kan zitten, met een dak boven mijn hoofd. Ik duik de lift in en zak naar de diepe krochten van the London Underground.


Een spookachtig geluid: “Due to wet weather, stairs may be slippery.” Ja, dit kan zomaar eens het einde zijn. Ik race met hoge snelheid door de catacomben van Londen. Ik heb geen idee waar ik heen ga.

…nee, ik bedoel: ik heb nog helemaal niet bedacht waar ik uitstap. Er zijn echt drie mogelijkheden.


Een krijsend geluid verbreekt de stilte, het is niet om aan te horen! (De remmen van de trein.) Ik besluit: ik stap bij de eerste optie uit. Niet het dichtst bij mijn eindbestemming, maar als het is gestopt met regenen, goed te lopen.


Ik loop van Piccadilly Circus zo langs alle theaters en koffietentjes aan Shaftesbury Avenue,

Zowel de blauwe koffieboer als Pret lijken vandaag geen framboos in het aanbod te hebben. Is misschien een seizoensding. Dan maar een panini, die doen het altijd goed.


Ik duik nog een winkeltje in voor een nieuwe jas, want mijn wollen winterjas wordt wel héél warm.

Dan trilt plots mijn telefoon: Avenue Q begint over een half uur, hier is uw ticket.


Oh kut ja. Theater. Rennen!


Ik ren naar het theater, ik ken gelukkig de weg. Voor het eerst ben ik niet een van de eersten en er klinkt al een hoop geruis vanuit de zaal. Mensen praten hard, dat moet ook wel, want eens in de zoveel tijd klinkt er op vol volume een metro die voorbij raast. Niet echt natuurlijk, maar een geluidseffect.


Goed, Avenue Q, weten jullie wat dat is? Nee? Ik eigenlijk ook niet. Ik weet alleen dat het in 2003 de Tony Award voor Best Musical heeft gewonnen van Wicked en dat het gespeeld wordt door een stel Muppet-achtige poppen…


Ik ben sceptisch.


De musical speelt in het Shaftesbury Theatre, een ogenschijnlijk normaal theater. Ik ben hier twee keer eerder geweest en heb de toiletten een welbenodigde upgrade zien krijgen. Daarentegen heb ik hier nog nooit echt iets goeds gezien. Een supercheesy “wat als zij het verhaal vertelde”-Romeo en Julia, en de tweede keer kwam in de pauze het nieuws dat Tina Turner was overleden. (Kan iemand Cher even in de gaten houden terwijl ik hier zit?) Kortom, dit theater heeft dan wel verbeterde wc’s, het heeft me vaker teleurgesteld dan positief verrast.


Twee minuten voor aanvang is de zaal nog maar net meer dan half gevuld. Ik kijk wat om me heen en zie dat de zaal geen plafond heeft. Huh?

Ik heb dit even gegoogled, normaal heeft het theater wél een plafond. (Ik snap er ook even niks van)


Avenue Q is een Sesamstraat-parodie op LSD. Totaal gestoord, máár… het is ook echt heel goed. Het is een musical, dus er is muziek. Het is zo’n subgenre binnen Broadway showtunes dat voor mij het dichtst in de buurt komt van een Amerikaanse versie van kleinkunst. En ik LOEF kleinkunst!


Het acteerwerk is theatraal, ergens tussen Miss Rachel en dat schreeuwerige Oh Mary!, maar bovenal perfect uitgebalanceerd. De musical is een stuk gemoderniseerd, grappen hangen nog steeds af en toe op het randje, maar durven er niet meer overheen te gaan. Al zit een ietwat overdreven Japans accent soms wat in de weg van de verstaanbaarheid. Dat is niet rasistisch, dat is gewoon irritant!


Al met al lach ook ik hardop. Ik moet in de pauze dan ook wel even snel een drankje halen om de lachspieren te koelen.


Ik loop de trap af en vind de bar die volgens mijn ruimtelijk inzicht onder het plein voor de deur moet zitten. Mijn ruimtelijk inzicht is echter niet superbetrouwbaar, dat blijkt zodra ik weer terug naar mijn stoel wil gaan. Ik kom eerst in de benedenzaal terecht, maar ik zit op het balkon. Dan loop ik een trap op die alleen dient als nooduitgang en leid daarmee anderen ook een dood eind in. Ik loop terug, kom via een derde ingang wéér in de bar terecht en vind uiteindelijk de trap waarover ik daar ben gekomen.


Ik neem waarschijnlijk de langste route mogelijk, maar via de foyer en toiletten ben ik weer terug op het balkon. Hoe het mogelijk is dat de mensen naast mij, die na mij de zaal verlaten hebben, al terug zijn? Ik heb werkelijk geen idee.

Daar zit ik dan, met zelfvertrouwen geschaad.


De tweede akte is wederom lachen en er wordt een soort van verhaal afgerond. Al met al een krankzinnige musical. Compleet met een paaldansende muppet, een lied over ‘Schadenfreude’ (Duits voor leedvermaak) en een feelgood einde, zoals dat bij een musical hoort!


De zaal zit niet vol, maar het applaus is welgemeend. Is dit beter dan Wicked? Ik weet het niet. Maar het is in ieder geval wel een hele leuke musical.


Wind.


Ik stap het theater uit en het waait! Niet normaal, heel mijn haar in de war, jas in mijn nek, wat een ellende. Ik zoek snel onderdak, ditmaal in Seven Dials Market, een gezellig foodcourt dat het thuis is van vele eettentjes, waaronder Bad Boy Pizza Society. Een eetgelegenheid naar mijn hart!


Ik bestel de Notorious P.I.G. Geen idee waar die letters voor staan, maar het is eigenlijk gewoon een Amerikaanse pepperoni slice met ’nduja en hot honey. Lekker, maar plakkerig. Servetjes zijn gelukkig gratis!


Na dit lekkere stukje Amerikaans genieten wil ik ook wel een dessertje, maar dat is nog een hele uitdaging. Deze plek biedt diverse verrukkelijke desserts. Van soft serve met sprinkels tot een bescheiden appelkruimel (Humble Crumble).

Ik wil eigenlijk geen ijs, daar waait het buiten te hard voor en een TikTok-rij, daar zit ik niet op te wachten.


Keuzes, keuzes en nog eens keuzes. Ik geef op, ik doe wel een wandeling als toetje.


Ik wandel door Covent Garden, door Floral Street, door een ander straatje vol dessert- én boekenwinkels, langs Trafalgar Square op naar Big Ben. Ofwel, die toren die een andere naam heeft, want “Big Ben is de bel”… HOU JE BEK!


Ik heb die toren al eerder gezien, maar de eerste keer dat ik in Londen kwam was die ingepakt. Daarna herinner ik me eigenlijk alleen de vorige keer. Toen was hij wel uitgekleed, maar heb ik ’m alleen van veraf gezien. En wie weet, misschien is het wel een heel bijzonder ding van dichtbij, word ik er een ander mens van…


Als ik na een lange tocht dan eindelijk de hoek om draai, zie ik nog wel mensen omhoog kijken en foto’s maken, maar pas halverwege de straat bedenk ik mij: “oh ja, dit was mijn doel.” Nou, ik dus kijken.


Gezien. Klaar.


En nu?


Ik ben gewoon niet echt een gebouwentoerist. Goed, er staan een hele hoop mooie gebouwen, echt vakwerk. Maar ja, gezien is gezien, denk ik dan. Wat meer kun je doen?


Ik had origineel bedacht om na deze wandeling de metro terug te nemen naar het theater. Toch kies ik ervoor om verder te wandelen, ik heb nog een beetje tijd en ik ben nu toch al bezig. Ik scoor een koffietje. Een latte-met-smaakiatto en vervolg mijn route naar het Noël Coward Theatre.


Ik zou het even moeten opzoeken, maar misschien is dit wel het theater waar ik het vaakst geweest ben. Het is een van de typische toneelhuizen van Londen en er speelt eigenlijk altijd wel iets gaafs.


(Oh. Als je dacht dat ik dit ook echt ging uitzoeken nu… Sorry.)


Vandaag is het Dracula, door één actrice. En niet zomaar een actrice. Het is Cynthia Erivo!

Een naam die je de afgelopen jaren bijna niet hebt kunnen missen, ze speelde namelijk de hoofdrol in de blockbusters Wicked: Part One en Wicked: For Good. (Ja, van die heksenmusical ja!)

Binnenkort zal ze ook te zien zijn in de filmbewerking van een andere theatersolo: Prima Facie, en ik ben héél benieuwd hoe dat gaat uitpakken.


Vandaag speelt zij dus Dracula. Maar ze speelt ook iedereen eromheen.


Bij binnenkomst zie ik een leeg toneel met achteraan een groot videoscherm. De vloer is bezaaid met fluorescerende plakkertjes, wat wijst op een heleboel…


STOP!


ER IS EEN HOND!


Niet op het toneel, maar in een van de boxes op het eerste balkon en de hond is verkleed als vampier! Dit is vanaf nu een hulphond voor de samenleving, want IEDEREEN heeft er nu duizend vrolijkheidspunten bij dankzij deze hond!


Oké, sorry, ik was afgeleid. Dat gebeurt weleens.


Uhm… Iets met stickers?


OH! Er werkt iemand in dit theater, super aantrekkelijk: rood haar… (onthoud dat detail even, dat van het haar) Ik heb haar hier al eerder gezien en gedacht. Jemig, die mag er wezen!


Zou zij mij ook herkennen? Zou ik zwaaien? Als we trouwen kan ik hier komen wonen, toch?


Oh, een mens loopt het toneel op. Aah! Het is Cynthia, zonder kostuum.


Ze gaat liggen, op haar rug, een camera komt uit de lucht tot vlak boven haar hoofd. Op een beeldscherm zien we meerdere versies van haarzelf over elkaar heen gelegd.

Dan begint ze te praten, een zee van woorden, razendsnel en nog maar net te volgen.


De camera stijgt op, een cameraman komt tevoorschijn. En nog een. Het is een strakke choreografie waarmee ze haar volgen.


Er staat ineens een stoel, ze gaat zitten, een derde cameraman rolt tevoorschijn. De spraakwaterval gaat door.


Dan stopt ze.


Haar hand, met bizar lange nagels, rust op haar hoofd. Tekst kwijt.


“Can we start over?”


Ze glimlacht naar het publiek.


“That’s live theatre!”


Het stuk begint opnieuw, helemaal van vooraf aan, diezelfde spraakwaterval.


Deze keer stopt het niet na vijf minuten, maar gaat het bijna twee uur door. Er komen kostuums bij, decors, nog meer cameramensen. Op het scherm zien we Cynthia in andere gedaantes, ze is haar eigen veelvoudige tegenspeelster.


Het is een spel tussen cinema en theater. Met af en toe een knipoog naar de kunstvorm an sich. Het tempo blijft ongestoord doorrazen, laat je heel even afleiden door de verklede hond en je hebt alweer zeven alinea’s gemist.


Het is ongelooflijk. Zoveel tekst, zo’n strakke choreografie van cameramensen, decors en special effects. En Cynthia switcht moeiteloos tussen rollen als vampier, dokter, meisje en Van Helsing (tevens ook de naam van mijn favoriete achtbaan!).


Tegen het einde, als we zelfs Dracula in meerdere gedaantes hebben gezien, bijvoorbeeld de klassieker of wat dacht je van Nosferatu, komt er nog een videoscherm tevoorschijn. Ook nog een sneeuwstorm verder en we komen met een noodstop tot een eind.


Bam.


Apotheose.


Applaus, niet alleen voor Cynthia, maar ook de medewerkers in het zwart mogen een buiging doen. De vele cameramensen, haar en make-up, decorduwers, allemaal hebben ze samengewerkt aan een uniek stukje theater. En ik heb veel theater gezien, ook veel pogingen tot filmtheater, maar dit is een creatie die op zichzelf staat, totaal ongeëvenaard. Hiervoor ga je als theaterliefhebber op reis!


Het applaus, zo’n Nederlands toneelapplaus waarbij ze nog een paar keer terugkomen, komt tot een eind en iedereen verlaat de zaal. Ik loop achterom en wacht, net als een handjevol andere bezoekers, bij de artiesteningang om de ster van de avond te bedanken voor een uniek optreden.


Al snel volgen er vele anderen. Ik sta vast, omringd door telefoons en programmaboekjes als Cynthia Erivo, die echt heel klein is, de blauwe deur uit komt. Ook mensen die vanavond niet in de zaal zaten komen even een kijkje nemen.


“Is zij die heks?”


Ja, dat is ze! En ze is supervriendelijk, neemt de tijd om alle programmaboekjes, of boeken, of platen of… een sudokuboekje? te signeren. En ze heeft ook nog tijd voor een grapje hier en daar.


Tja, ik kan nu een heel magisch verhaal vertellen over wat ik voelde toen ik in haar ogen keek. Maar ze is echt gewoon een mens en dat wordt van dichtbij alleen maar bevestigd. (Goddank is ze dus ook geen reptiel!) Dus totdat Lady Gaga weer eens voor mijn neus staat, weet ik niet hoe goed ik dit soort fanmomenten echt ga begrijpen.


(Al ga ik uiteraard wel iedere keer als iemand over de Wickedfilm begint zeggen: “Ik heb haar gezien als Dracula. Kijk, handtekening!”)


Met mijn handtekening op zak kan ik weer terug naar mijn hotel. Al is “hotel” wel echt een heel groot woord voor… dit. Nou ja, ik kan in ieder geval weer slapen. Dat is nodig, want morgen wordt er een hele hoop heen en weer gehold, met als climax misschien wel letterlijk het mooiste van deze reis!


Tot morgen, schattepatatjes,

Ilja




 
 
 

Opmerkingen


Stuur me een bericht, laat me weten wat je vind

Bedankt voor je bericht!

© 2025 by Ilja Smits

bottom of page